Skip to main content
Start of main content

Uit de vergetelheid: Phossy Jaw

14 januari 2021

By Hilde Bussink

Collega Hilde Bussink schrijft over de wereld van de arbeidshygiëne, in deze vierde in haar serie duiken we in een bijzondere ziekte: Phossy Jaw

In deze tijd van het jaar met meerdere feestdagen, maak ik geregeld gebruik van lucifers om thuis kaarsen of waxinelichtjes aan te steken. Vroeger werd de lucifer nog veel meer gebruikt dan nu. In het Engeland van 170 jaar geleden gebruikte men zelfs 250 miljoen lucifers per dag.

De lucifers werden in Engeland in die tijd voornamelijk door vrouwen en kinderen geproduceerd. Deze werknemers werkten onder zeer slechte arbeidsomstandigheden en voor een schamel loon. Daarnaast werden er door werkgevers vaak boetes ingesteld als men bijvoorbeeld met vieze schoenen op het werk verscheen of als er per ongeluk tijdens de productie een lucifer vlam vatte. Productie was erg belangrijk in die tijd en aandacht voor arbeidsomstandigheden was er nauwelijks.

Voor het maken van de lucifers gebruikte men toen nog witte fosfor. Elke lucifer bevatte ongeveer 10% witte fosfor. De topjes van de lucifers werden in de fosfor gedipt, wat zorgde voor een snelle, stabiele ontbranding. Witte fosfor is echter giftig en zorgde voor gezondheidsproblemen bij de medewerkers in de fabrieken.

Phossy jaw

Het werken met de witte fosfor resulteerde in een ziekte, waarbij er necrose van de kaak optreedt. De kaak sterft dan als het ware af. De ziekte, die doorgaans de “luciferziekte” of ook wel “Phossy jaw” werd genoemd, begint met pijnlijke tanden en opgezwollen tandvlees. Als de ziekte zich verder ontwikkelt, ontstaan er abcessen in de mond en sterft de kaak af, waarbij er pus vrijkomt. Door die pusontwikkeling stonken werknemers ontzettend. In een later stadium van de ziekte werden hersenen aangetast en kregen mensen aanvallen. Het eerste ziektegeval werd in Wenen in 1839 vastgesteld. Het ging hier om een werkneemster die vijf jaar lang aan dampen van witte fosfor was blootgesteld.

De ziekteverschijnselen openbaarden zich in de kaak omdat er in die tijd veelvuldig gegeten werd op de werkplek. Kantines en keukens binnen bedrijven bestonden nog niet. Werknemers brachten zelf eten van huis mee en dit werd op de werkplek bewaard. De hygiënische omstandigheden waren slecht en het wassen van de handen of het gezicht voor het eten gebeurde niet, met opname van witte fosfor via de mond als gevolg. Daarnaast was er natuurlijk de opname via de ademhaling door de blootstelling aan de dampen.

Behandeling van Phossy jaw bestond uit het verwijderen van zieke kaakbeenderen. Mensen werden door deze operatie echter verminkt en gedwongen om de rest van hun leven vloeibaar eten te nuttigen. Bij het niet opereren volgde op den duur het falen van organen, waardoor mensen overleden. Bij ongeveer 20% van de ziektegevallen kwamen mensen te overlijden.

Verbetering van de arbeidsomstandigheden volgde langzaam maar zeker, na de beroemde “matchgirls’ strike” in Londen in 1888. Een groep van vrouwelijke werkneemsters van de Bryant & May fabriek protesteerde tegen de lage lonen en de vele boetes die de werkgever oplegde. In die tijd was het ziektebeeld al in beeld bij werkgevers maar was het verdienen van geld belangrijker dan het welzijn en de gezondheid van werknemers.  Engeland vaardigde uiteindelijk een verbod op het gebruik van witte fosfor uit in 1910, maar vele landen op het vasteland van Europa waren Engeland al voorgegaan met de overstap naar het duurdere maar niet-giftige rode fosfor.

In de jaren die volgden is hygiëne op de werkplek veel belangrijker geworden, waarmee de blootstelling aan gevaarlijke stoffen over de hele breedte minder werd dan voorheen. Het wassen van handen voor het eten en het bewaren van voedsel in daartoe ingerichte keukens werd de standaard. Ook zijn de werktijden en daarmee de duur van de blootstelling aan gevaarlijke stoffen in de loop der tijd in de meeste industrieën minder lang geworden. En afzuiging op de werkplek deed zijn intrede waardoor gevaarlijke dampen direct werden afgezogen. Dit zijn allemaal onderwerpen en punten waarover arbeidshygiënisten tegenwoordig nog steeds adviseren. Heel af en toe kom ik het nog wel eens tegen: fabrieksmedewerkers die op de werkplek eten. Dan ben ik wel geneigd om te zeggen dat dat niet meer helemaal van deze tijd is.

  • Hilde Bussink

    Als senior consultant QSHE is Hilde werkzaam voor opdrachtgevers in allerlei sectoren, van de industrie tot het mkb, zoals metaalbewerking, metalelektro, zorg, welzijn en zakelijke dienstverlening.

    Neem contact op met Hilde
End of main content
To top